E-course leiderschap

5 management lessen van een generalist. Lang leve de generalist!

Je zult maar jong zijn in een periode waarin je altijd de beste moet zijn of altijd in de spotlight moet staan om aan de verwachtingen van anderen te voldoen: je omgeving, je vrienden, je ouders, school of collega’s. Dat geeft druk, stress en onzekerheid: wat als je niet aan deze verwachting kunt voldoen? Wat als je in veel een beetje goed bent maar niet uitblinkt, is alles dan verloren?

Toen ik jong was dacht ik altijd dat ik zelf nergens goed in was. Ik was jong en was mijn vader verloren in een periode waarin praten ‘over gevoelens” nog niet erg vanzelfsprekend was. Dat maakte me teruggetrokken en onzeker.

In mijn ogen was ik in alles middelmatig, nooit de uitblinker of de superster die ik toen graag wilde zijn. Gelukkig ook nooit de slechtste. Naarmate ik ouder werd en carrière maakte ben ik mij gaan realiseren dat ik, zoals we dat noemen, een generalist ben.

En dat goed zijn in een breed scala aan onderwerpen juist een superkracht is en geen zwakte, zoals velen mij getracht hebben te overtuigen tijdens mijn carrière.  


1. We zijn geen supersterren - en dat is prima -

Dit lijkt misschien een “contradictio in terminis”, maar het feit dat wij generalisten geen supersterren zijn, is onze kracht. Specialisten worden veelal gezien als supersterren, mensen die opvallen in een bepaalde specialiteit of op sociale media de meeste likes krijgen. Het zijn de mensen die gemakkelijk te zien zijn en opvallen. Heel fijn natuurlijk, maar er zijn ook zeker aspecten aan het van een generalist die voordelen geven ten opzichte van specialisten.

2. Wij spreken jouw taal

Generalisten leren graag nieuwe dingen. Ben jij een specialist, dan is er een grote kans dat we ons hebben verdiept in jouw specialiteit en kunnen begrijpen wat jij doet en wat nodig is in jouw werk. Tegelijkertijd beseffen we dat we geen experts zijn – dat ben jij. De beste generalisten weten dat ze een generalist zijn, dit betekent dat we weten wanneer we de touwtjes uit handen moeten geven aan iemand met diepere kennis.

3. Wij zijn geïnteresseerd in jou

Generalisten zijn constant op zoek naar nieuwe uitdagingen en nieuwe dingen om te leren. Wij gedijen op verandering en groei. Je zult ons vaak taken zien aannemen die buiten onze functieomschrijving vallen. Zo kunnen we weer iets nieuws leren, of het badwater eerst testen om te zien of we misschien een nieuwe richting willen inslaan. We leren hoe andere mensen hun werk doen, zodat we beter uitgerust zijn om samen te werken. We kijken naar het grote plaatje. Hoe verschillende mensen en stukken bij elkaar passen en onze rol daarin. Ik ben misschien bevooroordeeld, maar ik denk dat dit ons niet tot supersterren maakt, maar wel tot geweldige mensen om mee samen te werken.

4. We laten ons ego niet de overhand hebben

Generalisten blijven leren en ontwikkelen. Wij weten dat we niet alles weten. Dat betekent dat we bereid zijn feedback te ontvangen en dat we er vaak actief naar op zoek zijn. We willen continue verbeteren en om dat met succes te doen, moeten we ons ego uit de weg houden. Dat gaat ons goed af. Er zullen altijd betweters zijn, maar een generalist beseft dat er meer te leren valt.

Tijdens mijn carrière heb ik gemerkt dat in organisatie CFO’s en CEO’s de neiging hebben zich meer op supersterren te concentreren. Ze zijn gemakkelijk te zien, presteren vaak op hoog niveau en verdienen door hun specialisatie en aanwezigheid de aandacht.

Maar ik geloof dat organisaties hierdoor andere high-performers onderbelicht laten: de personen die vele ballen in de lucht houden, die stukken oprapen die anderen zijn laten vallen, vergeten of niet interessant vinden. Die er op de achtergrond voor zorgen dat alles goed loopt. Als we ons alleen op de supersterren concentreren, verliezen we de mensen uit het oog die alle supersterren samenbinden tot een geheel. En geloof mij als ik zeg, dat wij met veel meer zijn.

5.De stap van worsteling naar acceptatie

Ik heb een groot deel van mijn zakelijk leven geworsteld met het feit, dat ik ergens de beste in moest zijn. Toen ik begon als manager, dacht ik dat ik eindelijk 'mijn ding' had gevonden. Toch bleef het stemmetje in mijn achterhoofd zeggen: ‘wat als ik er niet zo goed in ben als ik denk’?

Pas nadat ik met zowel generalisten als specialisten heb gewerkt en de verschillen tussen beiden observeerde, heb ik de voordelen van het “generalist zijn“ volledig omarmd. Ik accepteer dat ik een rol speel op de achtergrond, niet de honderden ‘likes’ zal hebben en zeker niet de aandacht ontvang die specialisten vaak krijgen. Maar het geeft energie om te verbinden, om te luisteren, mee te bewegen en samen nieuwe stappen te zetten. Het generalist zijn wordt steeds leuker. Ik zou niet anders meer willen.

Dus voor iedereen die worstelt met de gedachte dat je alleen als specialist een superster kunt zijn: er gloort hoop aan de horizon. Je zult ervaren dat we eigenlijk allemaal supersterren zijn, op onze eigen manier.